Vertaling van breedte

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
breedte [m] (de ~) {zn.}
breedte [m] (de ~) {zn.}
breedte {zn.}
breedte {zn.}
baan [v], breedte [v] {zn.}
baan [v]
breedte [v] {zn.}
Ik zoek een baan.
Ik zoek een baan.
Mijn zus heeft een baan.
Mijn zus heeft een baan.
poolshoogte, breedte [v] {zn.}
poolshoogte
breedte [v] {zn.}
hoogte [v] (de ~), latitude, breedte [m] (de ~) {zn.}
hoogte [v] (de ~)
latitude
breedte [m] (de ~) {zn.}
Blijf mij op de hoogte houden.
Blijf mij op de hoogte houden.
Waarom was ik hier niet van op de hoogte?
Waarom was ik hier niet van op de hoogte?


Gerelateerd aan breedte

baan - poolshoogte - hoogte - latitudeafmeting - baan - afstand - hoogte