Vertaling van criminaliteit

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
criminaliteit [v], snoodheid [v], misdadigheid [v] {zn.}
criminaliteit [v]
snoodheid [v]
misdadigheid [v] {zn.}
Er is veel criminaliteit in grote steden.
Er is veel criminaliteit in grote steden.
misdaad [v], criminaliteit [v] {zn.}
misdaad [v]
criminaliteit [v] {zn.}
Ze heeft een misdaad begaan.
Ze heeft een misdaad begaan.
Bill heeft de misdaad niet begaan.
Bill heeft de misdaad niet begaan.
criminaliteit [v] (de ~), misdadigheid {zn.}
criminaliteit [v] (de ~)
misdadigheid {zn.}


Gerelateerd aan criminaliteit

snoodheid - misdadigheid - misdaadwangedrag