Vertaling van gedoemd

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
gedoemd {bn.}
gedoemd {bn.}
onvermijdelijk, gedoemd, inevitabel, noodwendig, onafwendbaar, onherroepelijk, onontkoombaar, noodzakelijk {bn.}
onvermijdelijk
gedoemd
inevitabel
noodwendig
onafwendbaar
onherroepelijk
onontkoombaar
noodzakelijk {bn.}
doemen {ww.}
doemen {ww.}

ik heb gedoemd
jij hebt gedoemd
hij/zij/het heeft gedoemd

ik heb gedoemd
jij hebt gedoemd
hij/zij/het heeft gedoemd
» meer vervoegingen van doemen



Gerelateerd aan gedoemd

onvermijdelijk - inevitabel - noodwendig - onafwendbaar - onherroepelijk - onontkoombaar - noodzakelijk - doemenwis - noodzaken