Vertaling van getijde

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
getijde [o] (het ~), tij [o] (het ~) {zn.}
getijde [o] (het ~)
tij [o] (het ~) {zn.}
getijde [o] (het ~), getijden, brevier [o] (het ~) {zn.}
getijde [o] (het ~)
getijden
brevier [o] (het ~) {zn.}


Gerelateerd aan getijde

tij - getijden - brevierperiode - gebed