Vertaling van klaarleggen

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
gereedleggen, klaarleggen {ww.}
gereedleggen
klaarleggen {ww.}

ik zal gereedleggen
jij zult gereedleggen
hij/zij/het zal gereedleggen

ik zal gereedleggen
jij zult gereedleggen
hij/zij/het zal gereedleggen
» meer vervoegingen van gereedleggen



Gerelateerd aan klaarleggen

gereedleggengereedhouden - deponeren