Vertaling van leefgebied

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
standplaats, leefgebied [o] (het ~), habitat, woongebied [o] (het ~), biotoop [m] (de ~) {zn.}
standplaats
leefgebied [o] (het ~)
habitat
woongebied [o] (het ~)
biotoop [m] (de ~) {zn.}


Gerelateerd aan leefgebied

standplaats - habitat - woongebied - biotoopgebied