Vertaling van magiër

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
magiër {zn.}
magiër {zn.}
Ze staarden met zijn allen naar de bewegingen van de magiër.
Ze staarden met zijn allen naar de bewegingen van de magiër.
magiër, duivelskunstenaar [m] {zn.}
magiër
duivelskunstenaar [m] {zn.}
tovenaar [m] (de ~), magiër [m] (de ~), tovenares [v] (de ~), heksenmeester, duivelskunstenaar {zn.}
tovenaar [m] (de ~)
magiër [m] (de ~)
tovenares [v] (de ~)
heksenmeester
duivelskunstenaar {zn.}
Ben je een tovenaar?
Ben je een tovenaar?
Ik wil een tovenaar zijn.
Ik wil een tovenaar zijn.


Gerelateerd aan magiër

duivelskunstenaar - tovenaar - tovenares - heksenmeesterpersoon