Vertaling van menigwerf

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
dikmaals, dikwerf, menigvuldig, menigwerf, veel, frequent, vaak [m] (de ~), veelvuldig {bw.}
dikmaals
dikwerf
menigvuldig
menigwerf
veel
frequent
vaak [m] (de ~)
veelvuldig {bw.}


Gerelateerd aan menigwerf

dikmaals - dikwerf - menigvuldig - veel - frequent - vaak - veelvuldigherhaaldelijk