Vertaling van mogen
vrijstaan {ww.}
ik mag
jij mag
hij/zij/het mag
ik mag
jij mag
hij/zij/het mag
» meer vervoegingen van mogen
ik mag
jij mag
hij/zij/het mag
ik mag
jij mag
hij/zij/het mag
» meer vervoegingen van mogen
het recht hebben {ww.}
ik mag
jij mag
hij/zij/het mag
ik mag
jij mag
hij/zij/het mag
» meer vervoegingen van mogen
mogen {ww.}
ik mag
jij mag
hij/zij/het mag
ik mag
jij mag
hij/zij/het mag
» meer vervoegingen van mogen
mogen
waarderen
hechten aan {ww.}
ik mag
jij mag
hij/zij/het mag
ik mag
jij mag
hij/zij/het mag
» meer vervoegingen van mogen
Voorbeelden in zinsverband
Mogen we bij jou overnachten?
Mogen we bij jou overnachten?
Mogen we rolschaatsen in dit park?
Mogen we rolschaatsen in dit park?
Zou ik de rekening mogen hebben, alstublieft?
Zou ik de rekening mogen hebben, alstublieft?
Kinderen onder de dertien jaar mogen dit zwembad niet in.
Kinderen onder de dertien jaar mogen dit zwembad niet in.
Ze mogen dan arm zijn, maar zijn rijk van geest.
Ze mogen dan arm zijn, maar zijn rijk van geest.
Mogen wij in Gods naam gelukkig voortgaan
Mogen wij in Gods naam gelukkig voortgaan
Ze mogen me haten, als ze me maar vrezen
Ze mogen me haten, als ze me maar vrezen