Vertaling van nivelleren
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
nivelleren {ww.}
nivelleren {ww.}
ik nivelleer
jij nivelleert
hij/zij/het nivelleert
ik nivelleer
jij nivelleert
hij/zij/het nivelleert
» meer vervoegingen van nivelleren
nivelleren {ww.}
nivelleren {ww.}
ik nivelleer
jij nivelleert
hij/zij/het nivelleert
ik nivelleer
jij nivelleert
hij/zij/het nivelleert
» meer vervoegingen van nivelleren
effenen, vlakken, afvlakken, slechten, nivelleren, egaliseren, aplaneren, gelijkmaken {ww.}
effenen
vlakken
afvlakken
slechten
nivelleren
egaliseren
aplaneren
gelijkmaken {ww.}
vlakken
afvlakken
slechten
nivelleren
egaliseren
aplaneren
gelijkmaken {ww.}
ik vlak af
jij vlakt af
hij/zij/het vlakt af
ik effen
jij effent
hij/zij/het effent
» meer vervoegingen van effenen