Vertaling van opbaggeren
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
opbaggeren, uitbaggeren, baggeren {ww.}
opbaggeren
uitbaggeren
baggeren {ww.}
uitbaggeren
baggeren {ww.}
ik zal baggeren
jij zult baggeren
hij/zij/het zal baggeren
ik zal opbaggeren
jij zult opbaggeren
hij/zij/het zal opbaggeren
» meer vervoegingen van opbaggeren