Vertaling van opgetogen
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
opgetogen, verheerlijkt, verrukt, verzaligd {bn.}
opgetogen
verheerlijkt
verrukt
verzaligd {bn.}
verheerlijkt
verrukt
verzaligd {bn.}
blij, verblijd, verheugd, opgetogen, opgewekt, vrolijk {bn.}
blij
verblijd
verheugd
opgetogen
opgewekt
vrolijk {bn.}
verblijd
verheugd
opgetogen
opgewekt
vrolijk {bn.}