Vertaling van recipiëren

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
recipiëren {ww.}
recipiëren {ww.}

ik recipieer
jij recipieert
hij/zij/het recipieert

ik recipieer
jij recipieert
hij/zij/het recipieert
» meer vervoegingen van recipiëren

ontvangen, inhalen, verwelkomen, feestelijk inhalen, opvangen, onthalen, recipiëren {ww.}
ontvangen
inhalen
verwelkomen
feestelijk inhalen
opvangen
onthalen
recipiëren {ww.}

ik haal in
jij haalt in
hij/zij/het haalt in

ik ontvang
jij ontvangt
hij/zij/het ontvangt
» meer vervoegingen van ontvangen

Ik moet de verloren tijd inhalen.
Ik moet de verloren tijd inhalen.
Waar je ook heen gaat, zullen mensen je verwelkomen.
Waar je ook heen gaat, zullen mensen je verwelkomen.


Gerelateerd aan recipiëren

ontvangen - inhalen - verwelkomen - feestelijk inhalen - opvangen - onthalenbinnenlaten