Vertaling van roerigheid

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
roerigheid [v], woeligheid [v], beweeglijkheid [v] {zn.}
roerigheid [v]
woeligheid [v]
beweeglijkheid [v] {zn.}
spektakel, herrie [v], tumult, rel, getier, rustverstoring [v], roerigheid [v] {zn.}
spektakel
herrie [v]
tumult
rel
getier
rustverstoring [v]
roerigheid [v] {zn.}
Hij klaagde over de herrie.
Hij klaagde over de herrie.
Het is een spektakel dat je wil vergeten.
Het is een spektakel dat je wil vergeten.
puinhoop [m] (de ~), wanordelijkheid, wanorde [m] (de ~), roerigheid, ordeloosheid, desorganisatie, chaos [m] (de ~) {zn.}
puinhoop [m] (de ~)
wanordelijkheid
wanorde [m] (de ~)
roerigheid
ordeloosheid
desorganisatie
chaos [m] (de ~) {zn.}
Het is een verdomde puinhoop.
Het is een verdomde puinhoop.
Ik maakte er een puinhoop van.
Ik maakte er een puinhoop van.