Vertaling van vaneengaan
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
scheiden, zich verspreiden, vaneengaan, uiteengaan {ww.}
scheiden
zich verspreiden
vaneengaan
uiteengaan {ww.}
zich verspreiden
vaneengaan
uiteengaan {ww.}
Ik wil niet scheiden.
Ik wil niet scheiden.
Kan je fantasie en realiteit niet van elkaar scheiden?
Kan je fantasie en realiteit niet van elkaar scheiden?