Vertaling van verkassen
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
verhuizen, verkassen, migreren {ww.}
verhuizen
verkassen
migreren {ww.}
verkassen
migreren {ww.}
ik migreer
jij migreert
hij/zij/het migreert
ik verhuis
jij verhuist
hij/zij/het verhuist
» meer vervoegingen van verhuizen
We verhuizen volgende maand.
We verhuizen volgende maand.
Hij hielp me verhuizen.
Hij hielp me verhuizen.