Vertaling van voortzeggen
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
voortzeggen, mededelen, meedelen, berichten {ww.}
voortzeggen
mededelen
meedelen
berichten {ww.}
mededelen
meedelen
berichten {ww.}
ik zal berichten
jij zult berichten
hij/zij/het zal berichten
ik zal voortzeggen
jij zult voortzeggen
hij/zij/het zal voortzeggen
» meer vervoegingen van voortzeggen