Vertaling van vooruithelpen
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
vooruithelpen, voorthelpen {zn.}
vooruithelpen
voorthelpen {zn.}
voorthelpen {zn.}
pousseren, vooruithelpen {ww.}
pousseren
vooruithelpen {ww.}
vooruithelpen {ww.}
ik zal pousseren
jij zult pousseren
hij/zij/het zal pousseren
ik zal pousseren
jij zult pousseren
hij/zij/het zal pousseren
» meer vervoegingen van pousseren