Vertaling van wedden
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
wedden {ww.}
wedden {ww.}
ik wed
jij wedt
hij/zij/het wedt
ik wed
jij wedt
hij/zij/het wedt
» meer vervoegingen van wedden
wedde {zn.}
wedde {zn.}
ik wed
jij wedt
hij/zij/het wedt
ik wed
jij wedt
hij/zij/het wedt
» meer vervoegingen van wedden