Vertaling van bij

Inhoud:

Nederlands
Portugees
bij [m] (de ~) {zn.}
abelha
aan, bij, dichtbij, naast, nabij {vz.}
ao pé de
junto a
junto de
perto de
próximo a
à, bij, elk, ieder, telkens {vz.}
a por
à razão de
aan, bij, ten huize van {vz.}
a
ao pé de
em
entre
junto a
aan, bij, naar, tegen, tot, voor, op {vz.}
a
para
gedurende, onder, bij, tijdens {vz.}
durante
enquanto


Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Portugees

Ze horen bij mij.

Elas estão comigo.

Welkom bij ons.

Bem-vindo ao nosso lar.

Hij werkt bij een bank.

Ele trabalha no banco.

Tom houdt een dagboek bij.

Tom mantém um diário

Ik ga bij mijn oma.

Vou à casa de minha avó.

Ik ben bij Dan op bezoek geweest.

Eu visitei Dan.

Laten we even bij hem aanwippen.

Vamos passar na casa dele.

De jongere bleef bij zijn mening.

O rapaz não mudou de opinião.

Water bevriest bij nul graad Celsius.

A água congela a zero grau Celsius.

Water kookt bij 100 graden Celcius.

A água ferve aos 100 graus Celsius.

We wonen dicht bij het station.

Moramos perto da estação.

Water bevriest bij nul graden Celsius, toch?

A água vai congelar a zero grau Celsius, certo?

Bij mij thuis drinken we veel bier.

Na minha casa, bebemos muita cerveja.

Het is gevaarlijk dicht bij het vuur te spelen.

É perigoso brincar em volta do fogo.

Ik denk niet dat Tom betrokken was bij dat schandaal.

Não acho que Tom tenha se envolvido no escândalo.


Gerelateerd aan bij

aan - dichtbij - naast - nabij - à - elk - ieder - telkens - ten huize van - naar - tegen - tot - voor - op - gedurende