Vertaling van mixen

Inhoud:

Nederlands
Zweeds
mengen, mixen, temperen, vermengen, verwarren, wassen {ww.}
sammanblanda
blanda
mengeling [v], vermenging [v], mengsel, mengelmoes, mix (mv. mixen), melange {zn.}
röra


Gerelateerd aan mixen

mengen - temperen - vermengen - verwarren - wassen - mengeling - vermenging - mengsel - mengelmoes - mix - melange