Vertaling van compreender

Inhoud:

Portugees
Nederlands
abranger, compreender, implicar {ww.}
insluiten
impliceren
apreender, compreender, entender {ww.}
begrijpen 
verstaan 
vatten 
snappen
bevatten 
beseffen 
Ela queria entender.
Ze wilde het begrijpen.
As pessoas deveriam entender que o mundo está mudando.
Mensen moeten begrijpen dat de wereld verandert.

Gerelateerd aan compreender

abranger - implicar - apreender - entender