Vertaling van fora

Inhoud:

Portugees
Nederlands
fora, de fora {bw.}
buiten 
daarbuiten
uiterlijk
fora, longe {bw.}
heen
over 
vandoor
verwijderd
voort
weg 
à excepcão de, com excepção de, fora, menos, salvo {vz.}
met uitzondering van
além de, com exclusão de, exceto de, fora {vz.}
behalve 
buiten 
ongerekend
credo, cruzes, fora {tw}
foei


Voorbeelden in zinsverband

Portugees
Nederlands

Quero viajar fora.

Ik wil naar het buitenland.

Vamos comer fora hoje à noite.

Laten we uit eten gaan vanavond.

Estou com vontade de comer fora esta noite.

Ik heb zin in uit eten vanavond.

O menino calçou seus tênis esportivos e correu para fora.

De jongen deed zijn sportschoenen aan en liep naar buiten.

Os ovos podem ser mantidos fora da geladeira?

Kun je eieren bewaren buiten de koelkast?

Um amigo meu está estudando fora do país.

Een vriend van mij studeert in het buitenland.

Enquanto eles estavam fora no feriado, seus vizinhos tomaram conta do cachorro.

Toen ze op vakantie waren zorgden hun buren voor de hond.