Vervoeging van dingen

Er is helaas geen Spaanse vertaling gevonden.


  • Onvoltooid tegenwoordige tijd

    • ik ding
    • jij dingt
    • hij/zij/het dingt
    • wij dingen
    • jullie dingen
    • zij dingen
  • Onvoltooid verleden tijd

    • ik dong
    • jij dong
    • hij/zij/het dong
    • wij dongen
    • jullie dongen
    • zij dongen
  • Voltooid tegenwoordige tijd

    • ik heb gedongen
    • jij hebt gedongen
    • hij/zij/het heeft gedongen
    • wij hebben gedongen
    • jullie hebben gedongen
    • zij hebben gedongen
  • Voltooid verleden tijd

    • ik had gedongen
    • jij had gedongen
    • hij/zij/het had gedongen
    • wij hadden gedongen
    • jullie hadden gedongen
    • zij hadden gedongen
  • Toekomende tijd I

    • ik zal dingen
    • jij zult dingen
    • hij/zij/het zal dingen
    • wij zullen dingen
    • jullie zullen dingen
    • zij zullen dingen
  • Toekomende tijd II

    • ik zal gedongen hebben
    • jij zult gedongen hebben
    • hij/zij/het zal gedongen hebben
    • wij zullen gedongen hebben
    • jullie zullen gedongen hebben
    • zij zullen gedongen hebben
  • Conditionalis I

    • ik zou dingen
    • jij zou dingen
    • hij/zij/het zou dingen
    • wij zouden dingen
    • jullie zouden dingen
    • zij zouden dingen
  • Conditionalis II

    • ik zou hebben gedongen
    • jij zou hebben gedongen
    • hij/zij/het zou hebben gedongen
    • wij zouden hebben gedongen
    • jullie zouden hebben gedongen
    • zij zouden hebben gedongen
  • Imperatief

    • jij ding
    • jullie dingt

Verwijzingen

Bekijk 1 definitie(s) van dingen