Vervoeging van doorschemeren

Onbepaalde wijs (infinitief): doorschemeren

Er is helaas geen Franse vertaling gevonden.

  • Onvoltooid tegenwoordige tijd

    • hij/zij/het schemert door
    • zij schemeren door
  • Onvoltooid verleden tijd

    • hij/zij/het schemerde door
    • zij schemerden door
  • Voltooid tegenwoordige tijd

    • hij/zij/het heeft doorgeschemerd
    • zij hebben doorgeschemerd
  • Voltooid verleden tijd

    • hij/zij/het had doorgeschemerd
    • zij hadden doorgeschemerd
  • Toekomende tijd I

    • hij/zij/het zal doorschemeren
    • zij zult doorschemeren
  • Toekomende tijd II

    • hij/zij/het zal doorgeschemerd hebben
    • zij zult doorgeschemerd hebben
  • Conditionalis I

    • hij/zij/het zal doorschemeren
    • zij zullen doorschemeren
  • Conditionalis II

    • hij/zij/het zal hebben doorgeschemerd
    • zij zullen hebben doorgeschemerd

Verwijzingen

Bekijk 1 definitie(s) van doorschemeren