Vervoeging van omzwachtelen

Onbepaalde wijs (infinitief): omzwachtelen

Er is helaas geen Italiaanse vertaling gevonden.


  • Onvoltooid tegenwoordige tijd

    • ik omzwachtel
    • jij omzwachtelt
    • hij/zij/het omzwachtelt
    • wij omzwachtelen
    • jullie omzwachtelen
    • zij omzwachtelen
  • Onvoltooid verleden tijd

    • ik omzwachtelde
    • jij omzwachtelde
    • hij/zij/het omzwachtelde
    • wij omzwachtelden
    • jullie omzwachtelden
    • zij omzwachtelden
  • Voltooid tegenwoordige tijd

    • ik heb omzwachteld
    • jij hebt omzwachteld
    • hij/zij/het heeft omzwachteld
    • wij hebben omzwachteld
    • jullie hebben omzwachteld
    • zij hebben omzwachteld
  • Voltooid verleden tijd

    • ik had omzwachteld
    • jij had omzwachteld
    • hij/zij/het had omzwachteld
    • wij hadden omzwachteld
    • jullie hadden omzwachteld
    • zij hadden omzwachteld
  • Toekomende tijd I

    • ik zal omzwachtelen
    • jij zult omzwachtelen
    • hij/zij/het zal omzwachtelen
    • wij zullen omzwachtelen
    • jullie zullen omzwachtelen
    • zij zullen omzwachtelen
  • Toekomende tijd II

    • ik zal omzwachteld hebben
    • jij zult omzwachteld hebben
    • hij/zij/het zal omzwachteld hebben
    • wij zullen omzwachteld hebben
    • jullie zullen omzwachteld hebben
    • zij zullen omzwachteld hebben
  • Conditionalis I

    • ik zou omzwachtelen
    • jij zou omzwachtelen
    • hij/zij/het zou omzwachtelen
    • wij zouden omzwachtelen
    • jullie zouden omzwachtelen
    • zij zouden omzwachtelen
  • Conditionalis II

    • ik zou hebben omzwachteld
    • jij zou hebben omzwachteld
    • hij/zij/het zou hebben omzwachteld
    • wij zouden hebben omzwachteld
    • jullie zouden hebben omzwachteld
    • zij zouden hebben omzwachteld
  • Imperatief

    • jij omzwachtel
    • jullie omzwachtelt

Verwijzingen

Bekijk 1 definitie(s) van omzwachtelen