Vervoeging van typify

Engels

Nederlands

Present

  • I typify
  • you typify
  • he/she/it typifies
  • we typify
  • you typify
  • they typify

Onvoltooid tegenwoordige tijd

  • ik symboliseer
  • jij symboliseert
  • hij/zij/het symboliseert
  • wij symboliseren
  • jullie symboliseren
  • zij symboliseren

Simple past

  • I typified
  • you typified
  • he/she/it typified
  • we typified
  • you typified
  • they typified

Onvoltooid verleden tijd

  • ik symboliseerde
  • jij symboliseerde
  • hij/zij/het symboliseerde
  • wij symboliseerden
  • jullie symboliseerden
  • zij symboliseerden

Present perfect

  • I have typified
  • you have typified
  • he/she/it has typified
  • we have typified
  • you have typified
  • they have typified

Voltooid tegenwoordige tijd

  • ik heb gesymboliseerd
  • jij hebt gesymboliseerd
  • hij/zij/het heeft gesymboliseerd
  • wij hebben gesymboliseerd
  • jullie hebben gesymboliseerd
  • zij hebben gesymboliseerd

Past perfect

  • I had typified
  • you had typified
  • he/she/it had typified
  • we had typified
  • you had typified
  • they had typified

Voltooid verleden tijd

  • ik had gesymboliseerd
  • jij had gesymboliseerd
  • hij/zij/het had gesymboliseerd
  • wij hadden gesymboliseerd
  • jullie hadden gesymboliseerd
  • zij hadden gesymboliseerd

Future

  • I will typify
  • you will typify
  • he/she/it will typify
  • we will typify
  • you will typify
  • they will typify

Toekomende tijd I

  • ik zal symboliseren
  • jij zult symboliseren
  • hij/zij/het zal symboliseren
  • wij zullen symboliseren
  • jullie zullen symboliseren
  • zij zullen symboliseren

Future perfect

  • I will have typified
  • you will have typified
  • he/she/it will have typified
  • we will have typified
  • you will have typified
  • they will have typified

Toekomende tijd II

  • ik zal gesymboliseerd hebben
  • jij zult gesymboliseerd hebben
  • hij/zij/het zal gesymboliseerd hebben
  • wij zullen gesymboliseerd hebben
  • jullie zullen gesymboliseerd hebben
  • zij zullen gesymboliseerd hebben

Conditional present

  • I would typify
  • you would typify
  • he/she/it would typify
  • we would typify
  • you would typify
  • they would typify

Conditionalis I

  • ik zou symboliseren
  • jij zou symboliseren
  • hij/zij/het zou symboliseren
  • wij zouden symboliseren
  • jullie zouden symboliseren
  • zij zouden symboliseren

Conditional perfect

  • I would have typified
  • you would have typified
  • he/she/it would have typified
  • we would have typified
  • you would have typified
  • they would have typified

Conditionalis II

  • ik zou hebben gesymboliseerd
  • jij zou hebben gesymboliseerd
  • hij/zij/het zou hebben gesymboliseerd
  • wij zouden hebben gesymboliseerd
  • jullie zouden hebben gesymboliseerd
  • zij zouden hebben gesymboliseerd

Imperative

  • you typify
  • you typify

Imperatief

  • jij symboliseer
  • jullie symboliseert

Verwijzingen

Bekijk 2 definitie(s) van typify