Vervoeging van vervangen

Vertaling: rilevare


Nederlands

Italiaans

Onvoltooid tegenwoordige tijd

  • ik vervang
  • jij vervangt
  • hij/zij/het vervangt
  • wij vervangen
  • jullie vervangen
  • zij vervangen

Presente

  • io rilevo
  • tu rilevi
  • lui/lei/Lei rileva
  • noi rileviamo
  • voi/Voi rilevate
  • loro/Loro rilevano

Onvoltooid verleden tijd

  • ik verving
  • jij verving
  • hij/zij/het verving
  • wij vervingen
  • jullie vervingen
  • zij vervingen

Imperfetto

  • io rilevavo
  • tu rilevavi
  • lui/lei/Lei rilevava
  • noi rilevavamo
  • voi/Voi rilevavate
  • loro/Loro rilevavano

Voltooid tegenwoordige tijd

  • ik heb vervangen
  • jij hebt vervangen
  • hij/zij/het heeft vervangen
  • wij hebben vervangen
  • jullie hebben vervangen
  • zij hebben vervangen

Passato prossimo

  • io ho rilevato
  • tu hai rilevato
  • lui/lei/Lei ha rilevato
  • noi abbiamo rilevato
  • voi/Voi avete rilevato
  • loro/Loro hanno rilevato

Voltooid verleden tijd

  • ik had vervangen
  • jij had vervangen
  • hij/zij/het had vervangen
  • wij hadden vervangen
  • jullie hadden vervangen
  • zij hadden vervangen

Trapassato prossimo

  • io avevo rilevato
  • tu avevi rilevato
  • lui/lei/Lei aveva rilevato
  • noi avevamo rilevato
  • voi/Voi avevate rilevato
  • loro/Loro avevano rilevato

Toekomende tijd I

  • ik zal vervangen
  • jij zult vervangen
  • hij/zij/het zal vervangen
  • wij zullen vervangen
  • jullie zullen vervangen
  • zij zullen vervangen

Futuro semplice

  • io rileverò
  • tu rileverai
  • lui/lei/Lei rileverà
  • noi rileveremo
  • voi/Voi rileverete
  • loro/Loro rileveranno

Toekomende tijd II

  • ik zal vervangen hebben
  • jij zult vervangen hebben
  • hij/zij/het zal vervangen hebben
  • wij zullen vervangen hebben
  • jullie zullen vervangen hebben
  • zij zullen vervangen hebben

Futuro anteriore

  • io avrò rilevato
  • tu avrai rilevato
  • lui/lei/Lei avrà rilevato
  • noi avremo rilevato
  • voi/Voi avrete rilevato
  • loro/Loro avranno rilevato

Conditionalis I

  • ik zou vervangen
  • jij zou vervangen
  • hij/zij/het zou vervangen
  • wij zouden vervangen
  • jullie zouden vervangen
  • zij zouden vervangen

Condizionale presente

  • io rileverei
  • tu rileveresti
  • lui/lei/Lei rileverebbe
  • noi rileveremmo
  • voi/Voi rilevereste
  • loro/Loro rileverebbero

Conditionalis II

  • ik zou hebben vervangen
  • jij zou hebben vervangen
  • hij/zij/het zou hebben vervangen
  • wij zouden hebben vervangen
  • jullie zouden hebben vervangen
  • zij zouden hebben vervangen

Condizionale passato

  • io avrei rilevato
  • tu avresti rilevato
  • lui/lei/Lei avrebbe rilevato
  • noi avremmo rilevato
  • voi/Voi avreste rilevato
  • loro/Loro avrebbero rilevato

Imperatief

  • jij vervang
  • jullie vervangt

Imperativo

  • tu rileva
  • voi/Voi rilevate