Vertaling van Forward
aanvaller
voorover
vooruit
voort
voorwaarts
I forward
you forward
we forward
ik expedieer
jij expedieert
wij expediëren
» meer vervoegingen van expediëren
I forward
you forward
we forward
ik zend na
jij zendt na
wij zenden na
» meer vervoegingen van nazenden
doorsturen
I forward
you forward
we forward
ik zend door
jij zendt door
wij zenden door
» meer vervoegingen van doorzenden
achternazenden
I forward
you forward
we forward
ik stuur achterna
jij stuurt achterna
wij sturen achterna
» meer vervoegingen van achternasturen
I forward
you forward
we forward
ik zend na
jij zendt na
wij zenden na
» meer vervoegingen van nazenden
Voorbeelden in zinsverband
I look forward to the summer vacation.
Ik kijk uit naar de zomervakantie.
I look forward to my birthday.
Ik verheug me op mijn verjaardag.
Tom was looking forward to seeing Mary again.
Tom keek ernaar uit om Mary weer te zien.
As soon as I have it, I'll forward it to you.
Zodra ik het heb, stuur ik het naar je door.