Betekenis van:
ascension

ascension
Zelfstandig naamwoord
  • feestdag v.h. ten hemel stijgen
  • (Christianity) celebration of the Ascension of Christ into heaven; observed on the 40th day after Easter

Synoniemen

Hyperoniemen

ascension
Zelfstandig naamwoord
  • feestdag v.h. ten hemel stijgen
  • (Christianity) celebration of the Ascension of Christ into heaven; observed on the 40th day after Easter

Synoniemen

Hyperoniemen

ascension
Zelfstandig naamwoord
  • het opkomen van zon, maan enz.
  • the act of changing location in an upward direction

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

ascension
Zelfstandig naamwoord
    • a movement upward

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    ascension
    Zelfstandig naamwoord
      • (New Testament) the rising of the body of Jesus into heaven on the 40th day after his Resurrection

      Synoniemen

      ascension
      Zelfstandig naamwoord
        • (astronomy) the rising of a star above the horizon

        Hyperoniemen

        ascension
        Zelfstandig naamwoord
        • Hemelvaart, hemelvaart
        • the act of changing location in an upward direction

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        Hyponiemen

        ascension
        Zelfstandig naamwoord
        • opstijging
        • the act of changing location in an upward direction

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        Hyponiemen