Betekenis van:
elder

elder
Zelfstandig naamwoord
  • iem. die behoort tot een oudere generatie of jaargang
  • a person who is older than you are

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

elder
Zelfstandig naamwoord
  • door de apostelen gewijde voorganger bij de eerste christenen
  • any of various church officers

Hyperoniemen

Hyponiemen

elder
Zelfstandig naamwoord
  • senior
  • a person who is older than you are

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

elder
Zelfstandig naamwoord
  • eindexamenkandidaat
  • a person who is older than you are

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

elder
Zelfstandig naamwoord
    • any of numerous shrubs or small trees of temperate and subtropical northern hemisphere having white flowers and berrylike fruit

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    elder
    Bijvoeglijk naamwoord
      • used of the older of two persons of the same name especially used to distinguish a father from his son

      Synoniemen