Betekenis van:
habitation

habitation
Zelfstandig naamwoord
  • plek waar je woont; eigen plek waar je je thuis voelt; een eigen plek; honk
  • housing that someone is living in

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

habitation
Zelfstandig naamwoord
  • gebouw waarin je woont; plek om te wonen; huis; plek, gelegenheid om te wonen; onderkomen
  • housing that someone is living in

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

habitation
Zelfstandig naamwoord
    • the act of dwelling in or living permanently in a place (said of both animals and men)
    "he studied the creation and inhabitation and demise of the colony"

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    habitation
    Zelfstandig naamwoord
      • the native habitat or home of an animal or plant

      Hyperoniemen

      Hyponiemen