Betekenis van:
hail

to hail
Werkwoord
  • mbt. een hagelbui
  • precipitate as small ice particles
"It hailed for an hour"

Hyperoniemen

to hail
Werkwoord
  • (een schip) via de radio inlichtingen vragen, boodschappen overbrengen enz.
  • greet enthusiastically or joyfully

Synoniemen

Hyperoniemen

to hail
Werkwoord
    • call for
    "hail a cab"

    Hyperoniemen

    to hail
    Werkwoord
      • praise vociferously
      "The critics hailed the young pianist as a new Rubinstein"

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      to hail
      Werkwoord
        • be a native of
        "She hails from Kalamazoo"

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        to hail
        Werkwoord
        • bij acclamatie benoemen tot, toejuichen, zijn bijval betuigen, uitroepen tot
        • praise vociferously
        "The critics hailed the young pianist as a new Rubinstein"

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        hail
        Zelfstandig naamwoord
        • neerslag in de vorm van ijskorrels
        • precipitation of ice pellets when there are strong rising air currents

        Hyperoniemen

        hail
        Zelfstandig naamwoord
          • many objects thrown forcefully through the air
          "a hail of pebbles"
          "a hail of bullets"

          Hyperoniemen

          hail
          Zelfstandig naamwoord
            • enthusiastic greeting

            Hyperoniemen