Betekenis van:
humour

humour
Zelfstandig naamwoord
  • overheersende gemoedsgesteldheid
  • a characteristic (habitual or relatively temporary) state of feeling

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

humour
Zelfstandig naamwoord
  • grappige opmerking
  • a message whose ingenuity or verbal skill or incongruity has the power to evoke laughter

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

humour
Zelfstandig naamwoord
  • boutade
  • a message whose ingenuity or verbal skill or incongruity has the power to evoke laughter

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

humour
Zelfstandig naamwoord
  • stemming, dispositie, geestesgesteldheid, humeur, luim
  • a characteristic (habitual or relatively temporary) state of feeling

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

humour
Zelfstandig naamwoord
    • the trait of appreciating (and being able to express) the humorous

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    humour
    Zelfstandig naamwoord
      • (Middle Ages) one of the four fluids in the body whose balance was believed to determine your emotional and physical state

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      humour
      Zelfstandig naamwoord
        • the quality of being funny

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        Hyponiemen

        to humour
        Werkwoord
        • niet aantasten; ontzien
        • put into a good mood

        Synoniemen

        Hyperoniemen