Betekenis van:
imp

imp
Zelfstandig naamwoord
  • bengel; deugniet; kind; onvolwaardig, jong iemand
  • one who is playfully mischievous

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

imp
Zelfstandig naamwoord
  • ondeugend persoon; deugniet; deugniet; ondeugd; ondeugend kind; ondeugend iemand; ondeugend iemand; deugniet; sympathiek maar guitig iemand; ondeugend iemand; stout iemand; ondeugende jongen; lastig kind; gecastreerde haan; slechte zede; gemene kerel; ondeugende jongen; deugniet
  • one who is playfully mischievous

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

imp
Zelfstandig naamwoord
  • boosaardige kabouter
  • (folklore) fairies that are somewhat mischievous

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

imp
Zelfstandig naamwoord
  • straatjongen, schoffie
  • one who is playfully mischievous

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

imp
Zelfstandig naamwoord
  • duveltje, duiveltje
  • one who is playfully mischievous

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

imp
Zelfstandig naamwoord
  • duveltje
  • (folklore) fairies that are somewhat mischievous

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

imp
Zelfstandig naamwoord
  • alf
  • (folklore) fairies that are somewhat mischievous

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen