Betekenis van:
notch

notch
Zelfstandig naamwoord
  • bergengte; bepaalde vorm v.e. bergrug; plaats waar men een gebergte passeert
  • the location in a range of mountains of a geological formation that is lower than the surrounding peaks

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

notch
Zelfstandig naamwoord
    • a V-shaped indentation
    "mandibular notch"

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    notch
    Zelfstandig naamwoord
      • a V-shaped or U-shaped indentation carved or scratched into a surface
      "there were four notches in the handle of his revolver"

      Hyperoniemen

      Hyponiemen

      notch
      Zelfstandig naamwoord
      • kerf
      • a small cut

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      notch
      Zelfstandig naamwoord
      • kartel
      • a small cut

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      notch
      Zelfstandig naamwoord
      • eerst
      • the location in a range of mountains of a geological formation that is lower than the surrounding peaks

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      Hyponiemen

      notch
      Zelfstandig naamwoord
      • vizierkeep
      • a small cut

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      to notch
      Werkwoord
      • inkerven, inkrassen, krassen, kerven
      • cut or make a notch into
      "notch the rope"

      Hyperoniemen

      Hyponiemen

      to notch
      Werkwoord
        • notch a surface to record something

        Hyperoniemen