Betekenis van:
overhaul

overhaul
Zelfstandig naamwoord
  • controle op het onderhoud
  • periodic maintenance on a car or machine
"it was time for an overhaul on the tractor"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

overhaul
Zelfstandig naamwoord
  • het geregeld nazien en herstellen van machines
  • periodic maintenance on a car or machine
"it was time for an overhaul on the tractor"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

overhaul
Zelfstandig naamwoord
  • vernieuwing
  • the act of improving by renewing and restoring

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

overhaul
Zelfstandig naamwoord
  • laatste aanmaning tot betaling
  • the act of improving by renewing and restoring

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

overhaul
Zelfstandig naamwoord
  • sanering
  • the act of improving by renewing and restoring

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to overhaul
Werkwoord
  • varend voorbijgaan
  • travel past

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to overhaul
Werkwoord
  • (een voortrijdend voertuig) voorbijgaan
  • travel past

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to overhaul
Werkwoord
  • inhalen; voorbijrijden
  • travel past

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to overhaul
Werkwoord
  • passeren
  • travel past

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to overhaul
Werkwoord
    • make repairs, renovations, revisions or adjustments to
    "You should overhaul your car engine"
    "overhaul the health care system"

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    to overhaul
    Werkwoord
    • langslopen
    • travel past

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen