Betekenis van:
recoil

to recoil
Werkwoord
  • slechts de oppervlakte raken en doorschieten
  • spring back; spring away from an impact

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to recoil
Werkwoord
  • afstuiten
  • spring back; spring away from an impact

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to recoil
Werkwoord
  • zich bewegen als door de kracht van een veer
  • spring back; spring away from an impact

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to recoil
Werkwoord
  • op jouw beurt schieten
  • spring back, as from a forceful thrust

Synoniemen

Hyperoniemen

to recoil
Werkwoord
  • terugspringen na met kracht tegen iets aangekomen te zijn
  • spring back; spring away from an impact

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to recoil
Werkwoord
  • zich plots achteruit bewegen
  • spring back, as from a forceful thrust

Synoniemen

Hyperoniemen

to recoil
Werkwoord
  • naar achteren springen
  • spring back, as from a forceful thrust

Synoniemen

Hyperoniemen

to recoil
Werkwoord
  • zwiepen
  • spring back; spring away from an impact

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to recoil
Werkwoord
  • terugschoppen, terugtrappen
  • spring back, as from a forceful thrust

Synoniemen

Hyperoniemen

to recoil
Werkwoord
  • huiveren
  • draw back, as with fear or pain

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to recoil
Werkwoord
    • come back to the originator of an action with an undesired effect

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    to recoil
    Werkwoord
    • terugschoppen, terugtrappen
    • spring back, as from a forceful thrust

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    to recoil
    Werkwoord
    • veren
    • spring back; spring away from an impact

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    recoil
    Zelfstandig naamwoord
      • a movement back from an impact

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      Hyponiemen

      recoil
      Zelfstandig naamwoord
        • the backward jerk of a gun when it is fired

        Synoniemen

        Hyperoniemen