Betekenis van:
tread

tread
Zelfstandig naamwoord
deel v.e. wiel(band) dat de grond raakt
the part (as of a wheel or shoe) that makes contact with the ground

Hyperoniemen

tread
Zelfstandig naamwoord
the grooved surface of a pneumatic tire

Hyperoniemen

tread
Zelfstandig naamwoord
plank die dient als opstap
structural member consisting of the horizontal part of a stair or step

Hyperoniemen

tread
Zelfstandig naamwoord
reliëf in de buitenkant van iets
the part (as of a wheel or shoe) that makes contact with the ground

Hyperoniemen

tread
Zelfstandig naamwoord
stap; het verzetten v.d. voet; pas; voetstap
a step in walking or running

Synoniemen

Hyperoniemen

tread
Zelfstandig naamwoord
a step in walking or running

Synoniemen

Hyperoniemen

tread
Zelfstandig naamwoord
stap
a step in walking or running

Synoniemen

Hyperoniemen

to tread
Werkwoord
apply (the tread) to a tire

Hyperoniemen

to tread
Werkwoord
mate with

Hyperoniemen

to tread
Werkwoord
brace (an archer's bow) by pressing the foot against the center

Hyperoniemen

to tread
Werkwoord
crush as if by treading on

Hyperoniemen

to tread
Werkwoord
een voet of beide voeten op of in iets neerzetten
tread or stomp heavily or roughly

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to tread
Werkwoord
treden in of op iets; zijn gang gaan
put down or press the foot, place the foot

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen