Betekenis van:
veneer

veneer
Zelfstandig naamwoord
  • dun, buigzaam hout dat ter verfraaiing op meubels van eenvoudig hout wordt gelijmd
  • coating consisting of a thin layer of superior wood glued to a base of inferior wood

Synoniemen

Hyperoniemen

veneer
Zelfstandig naamwoord
  • oplegsel
  • coating consisting of a thin layer of superior wood glued to a base of inferior wood

Synoniemen

Hyperoniemen

veneer
Zelfstandig naamwoord
  • oeververdediging, oevervoorziening
  • an ornamental coating to a building

Synoniemen

Hyperoniemen

to veneer
Werkwoord
  • appliqueren
  • cover with veneer
"veneer the furniture to protect it"

Hyperoniemen

to veneer
Werkwoord
  • fineren
  • cover with veneer
"veneer the furniture to protect it"

Hyperoniemen

to veneer
Werkwoord
  • opleggen
  • cover with veneer
"veneer the furniture to protect it"

Hyperoniemen