Betekenis van:
apotheek
apotheek (de ~ | meervoud apotheken)
Zelfstandig naamwoord
- winkel met medicijnen
"zonder recept verkrijgbaar bij drogist of apotheek"
"een recept afhalen bij de apotheek"
Hyperoniemen
apotheek
Zelfstandig naamwoord
- plaats waar men geneesmiddelen en andere gezondheidsproducten kan kopen
Voorbeeldzinnen
- Waar is de dichtstbijzijnde apotheek?
- Medische bijstand (ziekenhuis, arts, apotheek)
- ten minste zes maanden stage in een voor het publiek toegankelijke apotheek of in een ziekenhuis onder toezicht van de farmaceutische dienst van dat ziekenhuis.
- Opslag bij een apotheek of een medische, verpleegkundige of diergeneeskundige praktijk of enige andere geautoriseerde locatie voor het omruilen van injectienaalden, daar naar toe teruggebracht door verpleeghuizen, huishoudens of individuen.
- bepaling van de massa voor de vervaardiging van medicijnen op voorschrift in de apotheek en bepaling van de massa tijdens analyses die in medische en farmaceutische laboratoria worden uitgevoerd;