Betekenis van:
baby
baby
Zelfstandig naamwoord
- een mens in de eerste fase van zijn leven
baby
Zelfstandig naamwoord
- een klein voorwerp, klein zoals een baby in relatie toe een volwassene, baby-
baby
Zelfstandig naamwoord
- een mens in de eerste fase van zijn leven
baby
Zelfstandig naamwoord
- een klein voorwerp, klein zoals een baby in relatie toe een volwassene, baby-
Voorbeeldzinnen
- Die baby is Tom.
- De baby kruipt.
- Bekijk de slapende baby.
- Is de baby wakker geworden?
- Mijn baby heeft een erfelijke ziekte.
- De baby zag er precies zo uit als haar moeder.
- De enige overlevende van de crash was een baby.
- Ik speelde met de baby op mijn knie.
- Ze was bang de baby wakker te maken.
- Baby- en kinderverzorgingsartikelen
- in het Duits „Baby beef” (Verordnung (EG) Nr. 1968/2004)
- in het Hongaars „Baby beef” (1968/2004/EK rendelet)
- in het Grieks „Baby beef” (Κανονισμός (ΕΚ) αριθ.
- in het Tsjechisch „Baby beef” (Nařízení (ES) č.
- „Toepassing van de tariefcontingenten voor „baby-beef” en suiker”;