Betekenis van:
ballon
ballon (de ~ | meervoud ballons, ballonnen)
Zelfstandig naamwoord
- feestartikel; opblaasbaar rubber zakje als versiering
"een ballonnetje oplaten"
"een ballon oplaten"
Synoniemen
Hyperoniemen
ballon (de ~ | meervoud ballons, ballonnen)
Zelfstandig naamwoord
- bepaald voorbehoedsmiddel; voorbehoedmiddel; voorbehoedmiddel, rekbare huls van dun rubber of kunststof dat over het mannelijk geslachtsorgaan geschoven kan worden; (informeel) condoom
"een ballonnetje omdoen"
Synoniemen
Hyperoniemen
ballon
Zelfstandig naamwoord
- een feestartikel bestaande uit een dun rubberen zakje dat met gas of lucht kan worden gevuld
ballon (de ~ | meervoud ballons, balonnen)
Zelfstandig naamwoord
- luchtvaartuig d.m.v. een grote ballon; luchtvaartuig
Synoniemen
Hyperoniemen
ballon (de ~ | meervoud ballons, ballonnen)
Zelfstandig naamwoord
- ballon met tekst in een stripverhaal
Synoniemen
Hyperoniemen
Voorbeeldzinnen
- Zij lieten een ballon op.
- De ballon daalde geleidelijk naarmate de lucht eruit kwam.
- Ballon, met bescherming
- Balken, gebundeld of samengevoegd GZ Ballon, met bescherming BP
- Loodoxide in de glazen ballon van Black Light Blue-lampen (BLB-lampen).
- speciaal ontworpen om te werken in de lucht (gemonteerd in een ballon of vliegtuigstructuur) en met Doppler-"signaalverwerking" voor het opsporen van bewegende doelen;
- Numeriek bestuurd apparaat voor het plooien van stents, bestaande uit een voetstuk, een pneumatisch aangedreven plooikop en een gemotoriseerd positioneringsmechanisme (V-blok), gebruikt bij de vervaardiging van medicinale stents om met behulp van radiale druk een stent om de ballon van een sonde heen te plooien [1]