Betekenis van:
bevel
bevel
Zelfstandig naamwoord
- verplicht uit te voeren opdracht zonder enige tegenspraak
"Dat is een bevel, commandant!!"
bevel (het ~ | meervoud bevelen)
Zelfstandig naamwoord
- leiding
"het bevel voeren"
"onder bevel van [iemand]"
Synoniemen
Hyperoniemen
Voorbeeldzinnen
- De koning gaf het bevel dat de gevangene vrijgelaten moest worden.
- Hoofdassistent-politiecommissaris, functionaris met bevel over Harare.
- IV. REDENEN VOOR HET BEVEL TOT HET VERSTREKKEN VAN INLICHTINGEN
- Alle politiefunctionarissen blijven volledig onder bevel van de daartoe geëigende nationale autoriteit.
- Is er sprake van een administratief of gerechtelijk bevel tot verhuizing?
- Daarom deed de Commissie op 6 maart 2003 een bevel tot het verstrekken van inlichtingen uitgaan.
- Gedetacheerd personeel blijft onder bevel van de nationale autoriteiten van de zendstaat of de EU-instelling.
- Bij brief van 3 maart 2005 heeft Italië aan dat bevel gevolg gegeven.
- het bevel uitvoerbaar wordt, tenzij overeenkomstig artikel 16 bij het gerecht een verweerschrift is ingediend;
- Niet-nakoming van een bevel een minderjarige af te staan of verberging van een minderjarige
- Al het personeel blijft volledig onder het bevel van de autoriteiten van zijn land ressorteren.
- Flanders Ship Repair vraagt om een negatief besluit met bevel tot terugvordering, alsook om voorlopige maatregelen.
- verweer tegen het bevel aan te tekenen door bij het gerecht van oorsprong een verweerschrift in te dienen, dat binnen 30 dagen nadat het bevel aan de verweerder is betekend of ter kennis gebracht wordt verzonden.
- te bevelen dat de oneerlijke handelspraktijken worden gestaakt of een gerechtelijke procedure in te leiden ter verkrijging van zo'n bevel,
- In antwoord op het bevel tot het verstrekken van inlichtingen deelde Duitsland uitvoerige gegevens mee over de aandeelhoudersstructuur van CWP.