Betekenis van:
bevelhebber

bevelhebber (de ~ | meervoud bevelhebbers)
Zelfstandig naamwoord
  • iem. die het bevel voert
"de bevelhebbers van de strijdende partijen hebben vandaag een akkoord bereikt"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

bevelhebber
Zelfstandig naamwoord
  • iemand die het commando heeft over een leger of vloot
"De bevelhebber droeg de manschappen op zich terug te trekken."

Voorbeeldzinnen

  1. Bevelhebber infanteriebataljon
  2. Tactisch bevelhebber LID 77
  3. Andere informatie: FDLR-bevelhebber.
  4. Staf bevelhebber luchtmacht, Mingaladon
  5. Tactisch bevelhebber LID 11
  6. Bevelhebber van Khatam al-Anbiya
  7. Plaatsvervangend bevelhebber van de IRGC
  8. Bevelhebber 702de bataljon lichte infanterie
  9. Bevelhebber Maritiem Commando regio Irrawaddy
  10. Plaatsvervangend bevelhebber van de IRG
  11. Bevelhebber Commando zeemacht sector Taninthayi
  12. Bevelhebber van de Basij-weermacht
  13. Bevelhebber van de marine van de IRGC.
  14. Bevelhebber militaire sector 3 (West-Rangoon)
  15. Functie: Bevelhebber van de IRGC (Pasdaran).