Betekenis van:
bijeen

bijeen
Bijwoord
  • tezamen in een groep
"bijeenzijn: Zij waren die dag bijeen om het jubileum te vieren."

Werkwoord


Voorbeeldzinnen

  1. Wij allen proberen minstens een keer per jaar bijeen te komen.
  2. De Raad komt onverwijld bijeen.
  3. Deze partijen komen bijeen in een overlegforum.
  4. Het algemeen forum komt ten minste eenmaal per jaar bijeen.
  5. Het komt ten minste tweemaal per jaar bijeen.
  6. Zo nodig komt het Gemengd Veterinair Comité bijeen.
  7. Het Comité komt minstens eenmaal per jaar bijeen.
  8. De raad van beroep komt bijeen wanneer dit noodzakelijk is.
  9. Zij komt uiterlijk in het eerste halfjaar van 2008 bijeen.
  10. De werkgroep komt bijeen wanneer de omstandigheden dat vereisen.
  11. Het Intergouvernementeel Comité komt één keer per jaar bijeen.
  12. De medevoorzitters roepen de vergaderingen van de Gemengde Commissie bijeen.
  13. De voorzitter roept de raad van bestuur in vergadering bijeen.
  14. Het gemengd comité komt bijeen wanneer dat nodig is.
  15. Het comité komt op uitnodiging van de voorzitter bijeen.