Betekenis van:
economisch

economisch
Bijvoeglijk naamwoord
  • mbt. de economie
"het economische beleid"
"de economische groei/crisis"
economisch
Bijvoeglijk naamwoord
  • weinig of zo weinig mogelijk gebruikend of uitgevend
"een economische auto"
"een ruimte economisch indelen"

Synoniemen

economisch
Bijvoeglijk naamwoord
  • betreffende economie

Voorbeeldzinnen

  1. Sinds 1950 verenigen Europese landen zich economisch en politiek in de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal om te zorgen voor een blijvende vrede.
  2. Economisch voordeel
  3. Economisch voordeel:
  4. ECONOMISCH VOORDEEL
  5. ECONOMISCH EN MONETAIR BELEID
  6. Macro-economisch kader
  7. een economisch voordeel oplevert;
  8. een economisch voordeel oplevert;
  9. Structureel economisch beleid
  10. Economisch en monetair beleid
  11. Selectief economisch voordeel
  12. aan economisch levensvatbare ondernemingen;
  13. Geen economisch voordeel
  14. Economisch voordeel voor de exploitant
  15. Het economisch gebied omvat niet: