Betekenis van:
genegen

genegen
Bijvoeglijk naamwoord
  • genegen; bereid
"(niet) genegen zijn tot"
"genegen zijn om [iets] te [doen]"

Synoniemen

genegen
Bijvoeglijk naamwoord
  • goedgunstig, welgezind
"een genegen oor vinden"
"[iemand] genegen zijn"

Synoniemen

Hyperoniemen

Werkwoord


Voorbeeldzinnen

  1. Wat echter de kosten van het programma „Go4Profit” van […] EUR aangaat, is de Commissie niet genegen deze als toelaatbare kosten aan te merken, aangezien ze zijn ontstaan voordat met de implementatie van het herstructureringsplan werd begonnen.