Betekenis van:
hal
hal
Zelfstandig naamwoord
- ontvangstruimte.
Voorbeeldzinnen
- Er loopt een mier in de hal.
- Vanuit de hal kun je naar de woonkamer, de keuken en de wc, of met de trap naar boven, waar de slaapkamers en de badkamer zijn.
- HAL (*)
- HAL/N23KL.
- Hal 2005
- Hal 2002
- Bouwen van hal
- Malta: “Employment and Training Corporation” (dienst voor arbeidsbemiddeling en opleiding), Triq Birzebbugia, Hal Far;
- Bovendien is naar de mening van de Commissie ook het honorarium van de architect voor de bouw van „hal 2005”, dat wil zeggen 3600 EUR, subsidiabel omdat het deel uitmaakt van de kosten van „hal 2005”.
- Bovendien worden er ook een weeguitrusting voor auto’s, een perceel, een kraan, leidingen en een stalen silo, machines en toiletten, een transformeerstation, trappen en een hal gehuurd.
- De kosten van de aansluiting voor kantoren (punt 5) hangen ook samen met de investeringen in de hal 2005 en de zaagmachine.
- Naar de mening van de Commissie zijn de kosten in verband met de bouw van een hal voor het nieuwe productieproces (punt 2 in tabel 2), de aankoop van een zaag voor dit proces (punt 3), de investeringen in de behandeling van water (punt 4) en de kosten van de aansluiting voor kantoren (punt 5) wel degelijk investeringen in materiële activa in de zin van Verordening (EG) nr. 70/2001.