Betekenis van:
halveren

halveren
Werkwoord
  • tot de helft reduceren
"een loon/uitkering halveren"
"een achterstand/voorsprong halveren"

Hyperoniemen

halveren
Werkwoord
  • in twee helften verdelen
"een appel/sinaasappel halveren"

Hyperoniemen

halveren
Werkwoord
  • tot de helft terugbrengen
"De rechtbank halveert de geëiste straf."